Algemeen

Ria gaat Arabisch leren dankzij ontmoeting in wijkkamer Hagendoorn

ALMELO - Een gezellig samenzijn vrijdag in de wijkkamer Hagendoorn in het Nieuwstraatkwartier. Daar werd de Ouderendag gevierd met een kop koffie met wat lekkers en informatie. Coördinator Linda Meijer loopt rond in de wijkkamer. Hier een praatje, daar een kopje koffie inschenken. Het is er gezellig druk, maar ze had op een grotere opkomst gerekend. “Het zijn veelal onze vaste bezoekers die er vandaag zijn. Helaas weinig mensen van buitenaf. Maar we maken er een gezellige ochtend van.”

Gezellig een kopje thee drinken of bijkletsen. Het kan in de wijkkamer Hagendoorn. Tweede van rechts coördinator Linda Meijer. Midden voor met blauwe hoofddoek Ria. Foto: Bianca Hellemons

Aan de grote tafel wordt volop gekletst en op de bank in de hoek van de woonkamer zijn twee dames druk aan het breien. “Corona heeft ons wel laten zien dat de wijkkamers hard nodig zijn”, zegt Linda. “Er zijn mensen bij die soms wel vier dagdelen in de week langskomen. Ze kunnen hier zichzelf zijn. En je wilt toch ergens een beetje bij horen. Hier is er altijd wel iemand met een luisterend oor. Voor mij als coördinator is het heel dankbaar werk.”

Meneer Kromkamp komt pas drie weken in wijkkamer Hagendoorn en voelt zich er al helemaal thuis. “Ik ben alleen. Mensen uit de wijk wezen me op de mogelijkheden van de Hagendoorn. Ik wist niet dat het bestond. Hier heb je aanspraak en zijn er mensen die luisteren.”

Tijdens de Nationale Ouderendag was in De Hagendoorn ook een ouderenadviseur van Avedan aanwezig, Taalpunt was er voor informatie en een fysiotherapeut van Fysio Almelo zorgde voor de nodige beweging. Linda: “We hebben af en toe vaste onderdelen zoals taalles en fysio. We willen vooral inzetten op wat het individu wil doen. Soms verzinnen mensen zelf dingen. We proberen de mensen in hun eigen kracht zetten, niet de zorg over te nemen.”

Ria komt nu bijna een jaar in de wijkkamer. Normaliter is ze aan het haken, maar dit keer heeft ze haar naalden en garen thuisgelaten. “Ik ben bezig met het haken van een troostvriendje voor kinderen uit Afghanistan. Maar tellen en kletsen tegelijk gaat niet zo goed”, grapt ze. Linda kwam met de vraag of Ria zich aan het nieuwe project wilde binden. “Ik heb meteen ‘ja’ gezegd. Vroeger heb ik altijd veel contact gehad met mijn Turkse buren. Altijd gezellig samenzijn, koken. Maar zij zijn verhuisd. Voor de rest heb ik niemand, ik ben alleen. En zo ben ik bij de huiskamer beland.”

De uit Tunesië afkomstige Zouhaier schuift aan bij het gesprek. Hij komt juist naar de wijkkamer om nog beter Nederlands te leren. Hij is inmiddels twee jaar in Nederland. “Ik ga drie keer per week naar het ROC. Verder heb ik niets om te doen. Ik heb geen werk, maar wil wel graag wat doen. In mijn land was ik docent en had ik het altijd druk. Nu help ik hier met koffie zetten, afwassen. Zo leer ik beter de taal en de Nederlandse gebruiken.”

Ria geeft aan dat ze al meerdere jaren geleden moslima is geworden en dat dat haar veel goeds heeft gebracht. Thuis leest ze de koran, maar ze zou deze ook graag in het Arabisch lezen. “Dan help ik je daar graag bij”, zegt Zouhaier. En zo is er op deze ochtend een nieuw contact gelegd.

Uw reactie